Iedereen weet dat beweging een cruciaal onderdeel vormt van een gezonde leefstijl. Bovendien is het ook belangrijk voor de hartgezondheid. Maar hoe vaak moet je dan eigenlijk bewegen als volwassene?

De regel: zoveel mogelijk

Algemeen geldt dat je als volwassene het best zoveel mogelijk beweging van lichte intensiteit in je dagelijkse routine stopt.

Zo kun je de trap nemen in plaats van de lift, af en toe naar de koffiemachine wandelen op kantoor en even de woonkamer stofzuigen wanneer je ‘s avonds thuiskomt. Maar we geven toe, in dat laatste heb je natuurlijk niet altijd evenveel zin. Deze tips om minder stil te zitten en zonder moeite meer te bewegen maken het je een stuk makkelijker.

Enkele extra inspanningen

Naast je dosis lichte beweging wordt aangeraden om wekelijks ook minstens 150 minuten een vorm van beweging te doen die iets intensiever is. Voorbeelden kunnen zijn: zwemmeneen rondje wandelen of fietsen, tuinieren ...

Schroef je de intensiteit nóg een beetje op, dan volstaan 75 minuten per week. Denk aan joggen, een stevige danssessie of enkele aerobics-oefeningen.

Tip: je mag deze 150 minuten (of 75 minuten als je het liever wat intensiever aanpakt) gerust verspreiden over de hele week. Zo kun je op 5 verschillende dagen telkens een half uurtje bewegen. En dat half uurtje mag je zelfs opsplitsen in 3 keer 10 minuten per dag!

Kun je ook té veel bewegen?

Hoe meer je beweegt, hoe beter natuurlijk. Maar grenzen zijn er altijd: probeer het te beperken tot 300 minuten per week bij matige intensiteit of 150 minuten bij hoge intensiteit. Krijg je er toch niet genoeg van, doe dan eens wat spierversterkende oefeningen in de plaats.